en   |    es   |    nl

Informatie over N. Smits

Basis informatie

Naam: N. Smits
Vader (ouder 1): H. Smits (m)
Moeder (ouder 2): R. Roos (v)

Huwelijken

Getrouwd: met P. Porsius (m) .

Getrouwd: met Eric Grivel (m) .

Kinderen

  1. F. Grivel-van den Berg (m) .
  2. M. Grivel (m) .

Herinneringen

Herinneringen zijn gebaseerd op documenten, familie overlevering of persoonlijke ervaringen. Zij geven meer informatie over een persoon, maar zijn niet noodzakelijk correct of compleet.

Voor foto’s: klik op de foto voor een groter formaat; email family@grivel.net voor meer informatie over de foto.

Nicoline ca. 1968

Ik kan me nog herinneren dat de eerste dat dat ik naar de kleuter school zou gaan, ik de mazelen kreeg. Ik had daar vreselijk de pest over in; ik had me zo verheugd dat ik naar school zou gaan, maar dat kon toen natuurlijk niet. Ook kan ik me herinneren dat ik mocht trakteren voor m’n verjaardag. Het was op mijn school gebruikelijk dat je niet alleen in je eigen klas trakteerde, maar ook met een of twee vriendjes de hele school door en alle meesters en juffen iets gaf. De school had meerdere verdiepingen en om de een of andere reden had ik het idee opgevat dat er op de bovenste verdieping monsters zaten. Ik heb toen m’n vriendjes overtuigd dat we niet naar boven konden gaan.

In 1972 zijn we naar Bovenkarspel verhuisd. Ik heb daar nog een paar maanden kleuterschool gedaan, waar ze altijd van die driehoekige pyramides melk hadden, maar die werd niet gekoeld, dus die was altijd vies lauw tegen de tijd dat wij het te drinken kregen.

Het eerste jaar van de lagere school was de Wendelschool, dat was een openbare school; daarna ging ik naar de protestants-christelijke Gideon school. Mijn ouders waren daar heel actief in die school. Zij gingen mee op een schoolreisje voor de zesde klas, dat was een schoolreisje dat een paar dagen duurde en wij werden dan naar verschillende families uitbesteed.

Nicoline ca. 1973

De wijk waar wij woonden was nog in aanbouw; de Keizerskroonweg was een van de eerste straten die klaar was. Overal om ons heen werd nog ijverig gebouwd. Als kinderen zagen wij dat natuurlijk, en ’s-middags als de werklui weg waren, of in het weekend, was het een pracht van een speelplaats. Dus wij gingen van bakstenen en stoeptegels die daar lagen ook bouwen, en soms ging dat mis. Ik zie ons nog gaan, met een stepje, met een gewonde speelkameraad. “Wouter heeft een gat in z’n kop” riepen we.

Later was alles volgebouwd en was het lang niet zo spannend. Wel hadden we het “indianendorp,” een speelterrein bij ons achter met verschillende installaties. Er was een zandbak, een wigwam van planken, en een quasi fort. Wij noemden dat het “indianendorp” vanwegen de wigwam.

Als kind ging ik vaak uit logeren. Ik logeerde bij oma in Duivendrecht, of bij Eke en Ruud in Jutphaas (nu Nieuwegein), die een huisje hadden met een kelder waar je een “tuinkamer” had: je kon vanuit de kelder de tuin in lopen. Ik heb ook bij Jan en Ingrid gelogeerd, die het prachtig vonden hoe ik tegen mijn pop sprak precies zoals m’n moeder tegen mij sprak. Die hadden een W.C. waar je een treetje op moest, ik vond dat net een troon.

Nicoline ca. 1978

Na de lagere school ben ik naar de brugklas van het Marcus college (dat heet nu Martinus college) gegaan, en na de brugklas naar de HAVO. Ik koos voor de HAVO omdat het VWO me veel te veel werk leek.

In 1983 was ik klaar met de HAVO en heb ik eerst als een data entry typiste in Bovenkarspel gewerkt, maar het was al snel duidelijk dat dit geen carrière was, en ik ben toen een Schoevers opleiding gaan doen. Met het Schoevers diploma ben ik bij de Amro als directie secretaresse gaan werken, en later voor het advocaten kantoor.

In 1986 ben ik naar Amsterdam verhuisd, per 1 februari in onderhuur in de Transvaal straat. De huurster woonde bij haar vriend in, maar hield haar huur woning aan de Transvaal straat als officieel adres vanwege de bijstand. Ik had daar geen wasmachine, en ik ging dan naar oma om daar de was te doen. Dat was altijd erg gezellig.

Ik had in die tijd veel contact met Rudo: die vond het prachtig om in het weekend bij z’n zus in Amsterdam te komen, dat was natuurlijk veel vrijer. Rudo en ik hadden het plan om die zomer naar Bulgarije op vakantie te gaan maar dat was net toen Tsjernobyl ramp gebeurd was, en we zijn toen naar Marseille gegaan. Op de camping daar leerde ik Pieter kennen, met wie ik op 6 februari 1987 trouwde. Wij probeerden toen ons voor een woning in Amsterdam in te schrijven, maar omdat ik illegaal op onderhuur woonde kwam ik daar niet voor in aanmerking. We hebben toen de flat aan de Kolfstraat 143 in Purmerend gevonden.

Nicoline op een van de schepen tijdens Sail Amsterdam 1990.

Met Pieter had ik eigenlijk heel weinig gemeenschappelijk en in 1988 zijn we gescheiden. Ik was in die tijd tot de conclusie gekomen dat ik meer wilde doen dan secretaresse zijn, en heb me ingeschreven aan de universiteit Leiden voor een avond studie geschiedenis.

Die studie begon in augustus 1989; ik moest vanuit Amsterdam waar ik werkte met de trein naar Leiden komen, en dan naar de universiteit, en de eerste dag had ik verkeerd ingeschat hoe lang dat zou duren, dus het allereerste college kwam ik te laat binnen zetten. Ik had het gevoel dat iedereen naar mij staarde. Maar uiteindelijk deed dat er niet toe; dat schooljaar heb ik in Leiden Eric, die ook de avond studie geschiedenis deed, leren kennen. Van het een kwam het ander en in 1991 hebben we samen een huis aan de Churchilllaan in Delft gekocht.

Bloemendaal: ca 1974 - begin jaren 80

Screen capture van een super-8 video: vakantie huisje in Bloemendaal.

In de zomer vakantie gingen we wel vier, vijf weken naar Bloemendaal. Met de auto (we hadden verschillende auto’s, maar ook soms een tijd niet) of met de trein. Dat huisje op Bloemendaal was een zomer strand huisje; aan het einde van het seizoen werd dat afgebroken als een soort “Lego voor gevorderden” en opgeslagen, en dan aan het begin van het volgende seizoen weer opgezet.

Het huisje in Bloemendaal was van de familie Ockhuizen, maar wij konden het tijdens de zomer vakantie gebruiken. Meneer en mevrouw Ockhuizen werkten allebei en hun dochter, Janneke, ging dan met ons mee naar Bloemendaal. Zo had iedereen er baat bij.

Het huisje had geen stromend water en geen afvoer. ’s-Ochtends moest eerst de toilet emmer geleegd worden, net als op een camping. Het water kwam van een water tank, die regelmatig met een slang bijgevuld moest worden. Koken was op butagas.

Screen capture van een super-8 video: forten bouwen.

Als het weer het ook maar halverwege toeliet waren we de hele dag op het strand. Ieder zomer verbrandde ik dat de vellen er bij hingen. Ik herinner me ook dat we alle dagen opnieuw een “fort” gingen bouwen dat nu echt tegen de vloed bestand zou zijn--en iedere dag kwam de vloed en spoelde het weg.

Sommige van de huisjes hadden televisie, wat toen nog heel bijzonder was, en het was de kunst om vriendjes te worden met kinderen van die huisjes zodat je ’s-middags daar TV kon kijken.

Mijn vader had een wagen gemaakt voor als we boodschappen in Zandvoort, waar een grotere supermarkt was, gingen doen. Catry was nog zo klein, die zat ook in die wagen. Ik herinner me dat Catry vond dat ze niet genoeg ruimte had, en begon de boodschappen er uit te gooien. Wij moesten natuurlijk ze weer oprapen en terug in de wagen stoppen.

Deze YouTube video uit 2015 heeft precies het soort huisjes die we in de jaren ’70 in Bloemendaal hadden (hoewel in 2015 de huisjes wel stromend water en electriciteit schijnen te hebben).

Voorthuizen op de Veluwe (1976)

Screen capture van een super-8 video: lunch tijdens de fietsvakantie.

Een neef van m’n moeder had een camping in Voorthuizen. In 1976 ging de hele familie Roos daar kamperen. Ik herinner me dat Michiel, die toen nog klein was, “poeig” zei voor melk (niemand weet waar dat vandaan kwam), wat een gevleugeld woord in de familie werd. Een andere term van die zomer was “kassie rammes.” In het washok moest je muntjes gebruiken voor het warme water, maar iemand had ontdekt at het muntje terug kwam als je het kastje op een bepaalde manier een klap gaf. Zo hadden we voor een tijdje gratis warm water.

Het was een hete zomer. Als kinderen hadden we allerlei spelletjes die we deden; de volwassenen zaten rond een kinderbadje, onder een parasol met hun voeten en een krat bier in het koele water. Het was allemaal vreselijk gezellig.

Fietsvakantie Engeland

Screen capture van een super-8 video: lunch tijdens de fietsvakantie.

In 1980 of 1981 hebben wij als familie een fiets vakantie in Engeland gedaan, en ik denk dat dit voornamelijk mijn vader z’n idee was. We waren met z’n zessen: m’n ouders, m’n broer, zus en ik, en een buurjongen, Erik Henk Grondman. Ik denk dat we met de fietsen op de trein naar Hoek van Holland gegaan zijn, vandaar met een boot naar Harwich, en van daar fietsen. We hadden drie tentjes, een voor m’n ouders, een voor de twee jongens en een voor de twee meisjes. We hadden allemaal een deel van de bepakking op onze fietsen; m’n zus Catry, die toen pas acht of negen jaar was, had het lichtste pak: een rol met de hele dunne camping matrassen.

Screen capture van een super-8 video: Nicoline vraagt naar de weg.

We hebben waarschijnlijk twee tot drie weken door Suffolk in oost Engeland gefietst. Mijn ouders spraken wel een beetje Engels, maar ik was degene die voornamelijk het woord deed met mijn middelbare school Engels (ik was toen veertien of vijftien).

—Nicoline Smits
interview 3 november 2019

= privacy   |   = foto   |   = herinnering   |   = contact informatie   |   = leeftijd informatie.